Nieuw multisensorisch telemonitoring apparaat identificeert nauwkeurig risico verslechterend HF

1-5-2017 • ESC HF 2017 - Paris, France

The HeartLogic multi-sensor algorithm as an automatic predictor of heart failure events: results from the MultiSENSE Trial.     

 
Gepresenteerd op de ESC Heart Failure 2017 door Roy Stuart Gardner (Linithgow, United Kingdom)
 

Achtergrond

De typische kenmerken van een HF-patiënt zijn grote afwisselingen in functie en kwaliteit van leven. Tijdens progressie van de ziekte worden betere periodes afgewisseld met hospitalisatie voor acute decompensatie episodes en over de gehele periode wordt een chronische graduele afname gezien. Het is merkbaar moeilijk om episodes te voorspellen. Het is getracht om patiënten te telemonitoren, maar het behaalde voordeel is tot dusver matig. Noodzakelijk zijn nauwkeurigere en dagelijkse metingen.
De MultiSENSE HF diagnostische oplossing HeartLogic is ontwikkeld. Het meet hartgeluiden en data over ademhaling, thoracale impedantie, hartfrequentie en activiteit. Meerdere veranderingen die de sensoren oppikken, worden samengenomen, waaraan een gewicht wordt gehangen dat gebaseerd is op het dagelijkse risico van een persoon op verslechterend HF, om op deze manier een samengestelde HeartLogic index te vormen. Deze index wordt dagelijks geupdate en er wordt een sein gegeven wanneer de index een gebruikerspersoonlijke afkapwaarde passeert. Er is recent data gepubliceerd over de HeartLogic; de primaire eindpunten werden gehaald met een sensitiviteit van 70% (95% CI 55.4-82.1%) en een onverklaarde frequentie van seinen van 1.47 (955 CI 1.32-1.55). Het aantal vals positieven was 1.56 (95% CI 1.41-1.77).
Dit is een posthoc analyse van de MultiSENSE studiedata waarin data van de sensoren en klinische events van 900 patiënten met NYHA klasse II, III of IV binnen de laatste 6 maanden en een geïmplanteerde CRT-D systeem voor 1 jaar werden gevolgd. HF events omvatten hospitalisatie met als primaire oorzaak HF of ongeplande toediening van IV medicaties of ultrafiltratie. 192 HF events, waarvan 145 bruikbaar voor HeartLogic, kwamen voor bij respectievelijk 106 en 102 patiënten. Frequenties van events werden berekend voor patiënten wanneer zij IN of OUT HeartLogic Alert State waren. Event rate ratio (ERR) werd berekend als een event rate IN Alert State, gedeeld door OUT Alert State. Het effect op ERR van elke programmeerbare afkapwaarde, variërend van 10 tot 40, werd bepaald. Vergelijkbaar werd de ERR van NT-proBNP metingen op baseline bepaald, welke werd berekend door middel van boven en beneden afkapwaarden (range 500-1500 pg/mL).
 

Belangrijkste resultaten

  • Op de nominale HeartLogic afkapwaarde van 16 was de HF event rate 10 keer hoger in de IN Alert State (0.80 events/patiëntjaren [PY]) dan de OUT of Alert State (0.08 events/PY).
  • ERR’s varieerden van 8.4 tot 12.6 voor alle afkapwaarden.
  • Event rates als functie van baseline NT-proBNP waren niet informatief; ratio van hoog versus laag NT-proBNP op verschillende afkapwaardes voorspelden de event rates niet zo goed als de ERR deed.
  • In een multivariabele analyse had een HeartLogic afkapwaarde van 16 een gecorrigeerde ERR van 5.91 (95% CI 3.63-9.62, P<0.0001).
 

Conclusie

Deze analyse toont aan dat de HeartLogic variabelen het risico op een HF event onafhankelijk van baseline voorspelt. De event rate was 10 keer hoger wanneer de HeartLogic in IN Alert State was versus OUT of Alert State. HeartLogic was een betere voorspeller dan baseline NT-proBNP.
Een kanttekening aan de vergelijking met de analyses van NT-proBNP is dat NT-proBNP alleen werd gemeten op baseline, terwijl de HeartLogic Index dagelijks werd gemeten. Plus artsen werden niet afgeschermd voor NT-proBNP, wat mogelijk de therapie heeft beïnvloed en de voorspellende nauwkeurigheid heeft beperkt. Verdere studies zijn nodig om te bepalen of HeartLogic de patiëntuitkomsten kan verbeteren.
 
Martin Cowie (Londen, GB) feliciteerde Gardner tijdens de discussie voor het destilleren van zoveel data uit deze studie. De uitdaging van telemonitoring studies is altijd geweest wijs te worden uit alle ruis. Dit vraagt meer dan gewone risicostratificatie; je moet weten wat resulteert in een betekenisvolle klinische verbetering.
Hij merkte op dat het aantal vals positieven laag lijkt in de MultiSENSE, en hij noemde deze resultaten een stap vooruit op het gebied van telemonitoring. Een hindernis kan veroorzaakt worden door de vraag of deze verbeteringen in klinische uitkomsten de kosten en logistiek investeringen rechttrekken. Ook is het belangrijk om te realiseren dat niet alle seinen altijd actie vereisen; een arts moet nog steeds nadenken over wat het sein bij deze patiënt heeft veroorzaakt.  
Het werd ook opgemerkt dat dit systeem misschien bruikbaar is bij acuut hartfalen, omdat congestie vaak ontstaat in de week voor het acute event.
 
Deze publicatie over de MultiSENSE werd gepubliceerd in J Am Coll Cardiol


- Onze berichtgeving is gebaseerd op de op het ESC Heart Failure congres verstrekte informatie –
 
 
 
 
devicesESC HF 2017hartfalenMultiSENSEtelemonitoring